Achtergrond VedaPulse diagnose systeem

 

Al in de oudheid wisten geneeskundigen dat de pols de conditie van de lever, darm en andere organen aangeeft. Moderne technologieën zoals VedaPulse maken het mogelijk om met grotere precisie dit onderzoek uit te voeren.

Laten we eerst over de basis van traditionele polsdiagnose, de polsdiagnose via VedaPulse, en over de overeenkomsten en verschillen tussen de twee technieken spreken.

 

Traditionele oriëntale polsdiagnose gebruikt zes punten op de pols (drie links en drie rechts) om een polsgolf te meten. Deze golf varieert afhankelijk van de werking van de orgaan of systeem in kwestie. De geneeskundige voelt deze ze veranderingen op de zes punten. Er bestaat een oppervlakkige golf en een diepe golf. De ervaren geneeskundige evalueert vele aspecten van de golf om tot een diagnose te komen. Dit is een complexe diagnosetechniek die vele jaren (20 tot 30 jaar) studie vergt, om hem kundig te kunnen gebruiken.

 

Digitale polsdiagnose via VedaPulse analyseert de veranderingen in het hartritme. De duur van een hartcyclus wijkt altijd af van de vorige. Het apparaat meet de verschillen van de cycli tot op de milleseconde. Een reeks van verschillende tijden vormt een complex ritme. Juist dit ritme wordt geanalyseerd de software.

Zoals bij elk beroep, oefening baart kunst. Maar middels een gebruiksvriendelijke programma, met veel pop up schermen, kan een beginner al binnen een uur de basistechnieken beheersen. Daarna is hij/zij in staat om zelf diagnose te stellen en zowel de belangrijkste indicatoren als ook de functionele staat van de organen en lichamelijke systemen te evalueren.

 

Wat zijn de overeenkomsten tussen deze twee schijnbaar verschillende technieken? 

De een leest een golf en de andere meet de variabiliteit van de pols, en dat roept vaak vragen op bij de meeste mensen die voor het eerst in aanraking met VedaPulse komen. Om hierop antwoord te kunnen geven, moeten wij wat algemene kennis delen over de hart- en vaatstelsel en polsdiagnose.

Een netwerk van bloedvaten doordringt het hele lichaam. Het bloed stroomt van de boezems van het hart door slagaders en haarvaten naar de uiteinden van het lichaam om daarna door aders en vaten terug naar het hart te keren. Dit vertakte stelsel moet constant reageren op de veranderende behoeftes van het lichaam, zoals een sterke bloedtoevoer naar de spieren tijdens zwaar lichamelijk werk, of de snelle toevoer naar de maag om de spijsvertering te ondersteunen.

De hart- en vaatstelsel moet reageren op al die verschillende behoeftes van de organen op dezelfde manier. Deze reactie manifesteert zich hoofdzakelijk in een veranderde hartritme: het hart luistert naar de organen en past zich aan hun behoeftes aan. Een verandering van de polsgolf is het gevolg van deze veranderingen van de hartslag wat wordt gemeten door het VedaPulse diagnosesysteem.